Kwaliteitsborging bouw: Private kwaliteitsborging

Met Private kwaliteitsborging wordt een onderdeel van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen bedoeld: het vervangen van de gemeentelijke Bouwbesluittoets door kwaliteitsborging op basis van toegelaten instrumenten. Bij private kwaliteitsborging ziet een kwaliteitsborger toe op het voldoen aan de voorschriften. De kwaliteitsborger heeft een informatieplicht en moet de gemeente inschakelen als een bouwwerk niet aan de regelgeving lijkt te voldoen. Dit gebeurt natuurlijk pas als partijen er gezamenlijk niet uitkomen, het is in eerste instantie de taak van de kwaliteitsborger om de aannemer aan te spreken. Er kan echter altijd iets misgaan en de handhavende bevoegdheid ligt dan bij de gemeente.
Het is de taak van de kwaliteitsborger om de gemeente van informatie te voorzien. Is dit niet voldoende, dan is de gemeente bevoegd aanvullende informatie op te vragen bij ontwerpers en bouwers en om eventueel zelf aanvullend onderzoek te doen.

Private kwaliteitsborging voordelen

Heeft private kwaliteitsborging voordelen? Private kwaliteitsborging heeft zeker voordelen. Een groot voordeel van private kwaliteitsborging is de kortere doorlooptijd bij de gemeente. Gemeenten kunnen hierdoor straks ook korting geven op de legeskosten. Die korting verschilt overigens wel per gemeente, maar vooral bij grotere nieuwbouwprojecten kan dit interessant zijn.
Daarnaast kan de opdrachtgever er vanuit gaan dat de afgesproken kwaliteit van het bouwplan daadwerkelijk wordt geleverd. Nu gebeurt het wel eens dat tijdens de uitvoering veranderingen in het plan komen. Die veranderingen leiden vaak tot afwijkingen, waardoor niet meer aan het Bouwbesluit wordt voldaan. En daar waakt de kwaliteitsborger voor. De kwaliteitsborger toetst en controleert voortdurend waardoor ook de faalkosten lager zullen zijn.

Even de voordelen op een rij

De kwaliteitsborger toetst o.a. de volgende punten:

  • Wettelijke eisen, energiezuinigheid, veiligheid, bruikbaarheid.
  • Het bouwproject wordt afgewerkt op het niveau dat u wenst.
  • Fouten en/of gebreken worden vaak geconstateerd nog voordat het verkeerd is gebouwd. Er zijn geen herstelwerkzaamheden achteraf nodig.
  • Vertragingen worden voorkomen en kosten worden bespaart voor u én voor de bouwer.
  • Experts controleren het bouwproces waardoor u ervan verzekerd bent dat de werkzaamheden efficiënt en correct worden uitgevoerd.
  • Kwaliteit en veiligheid.

Private kwaliteitsborging nadelen

Heeft private kwaliteitsborging nadelen? Ontwerpende en uitvoerende partijen moeten wennen aan het feit dat stukken 100% moeten voldoen aan het Bouwbesluit en dat een vergunningsaanvraag 100% compleet moet zijn. Nu worden aanvragen nog vaak incompleet ingediend. Wat er minimaal in moet staan? Dat is te vinden in de Mor (Ministeriële Regeling Omgevingsrecht).
Een nadeel voor de gemeenten kan zijn dat zij bepaalde expertise kwijtraken. De focus verschuift met de komst van de Wet kwaliteitsborging namelijk naar de private partijen. Het is dus belangrijk dat de benodigde kennis bij de gemeenten behouden blijft, omdat de handhaving daar ligt.

Private kwaliteitsborging stand van zaken

Wat is nu precies de stand van zaken rond de Wet kwaliteitsborging? Op 19 januari 2019 hebben minister Ollongren en de VNG een akkoord bereikt over de Wet kwaliteitsborging. Op 14 mei 2019 is de Wet kwaliteitsborging door de Eerste Kamer aanvaard. Hiermee is een nieuw stelsel voor toezicht op de kwaliteit in de bouw definitief. Het nieuwe stelsel treedt stapsgewijs in werking en geldt vanaf 1 januari 2022 Minister Ollongren streeft ernaar om de Kamer vóór de zomer van 2020 te informeren over een definitieve invoeringsdatum. De verwachting is dat dit medio 2021 wordt. Overeengekomen is onder andere dat de Wet gelijktijdig met de Omgevingswet in werking treedt. De wetswijziging lijkt op het eerste gezicht vooral een technisch karakter te hebben, maar vooral door de samenloop met de Omgevingswet, raakt dit ook gemeenten. De organisatorische en financiële consequenties zijn groot.

Wat verandert er als de Wet kwaliteitsborging van kracht is?

Heel simpel gezegd wordt door de komst van de Wet kwaliteitsborging het bouwproces in tweeën gesplitst. Vanaf het moment dat de Wet kwaliteitsborging van kracht wordt, is er een ruimtelijk deel (toets aan omgevingsplan en -veiligheid) waarvoor de gemeente bevoegd gezag blijft houden. En een technisch deel die bij de private partijen wordt neergelegd. Het bouw- en woningtoezicht zoals gemeenten dat nu uitvoeren, wordt met de komst van de Wet kwaliteitsborging straks een taak van de marktpartijen. De gemeente voert straks – wat gechargeerd – slechts een ‘papieren toets’ uit. De gemeente blijft verantwoordelijk voor het toezicht op de bestaande bouw en de omgevingsveiligheid. Verder gaat de wet gefaseerd in: eerst de eenvoudigere bouwprojecten in de laagste risicoklasse zoals eengezinswoningen en eenvoudige bedrijfspanden, daarna de complexe bouwprojecten. Dit geeft alle betrokken partijen de kans ervaring op te doen met de nieuwe werkwijze van toezicht in de bouw. Marktpartijen zorgen er straks dus voor dat aan de wettelijke eisen wordt voldaan.

Tot die tijd is het voor de betrokken partijen raadzaam om zich alvast goed op de komst van de Wet kwaliteitsborging voor te bereiden, want de impact van deze wet is niet gering.

Private kwaliteitsborging nieuws – Wet kwaliteitsborging bouwen per 1 januari 2022! 

Op 23 april 2019 vond de derde termijn plaats van het debat in de Eerste Kamer over de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. Minister Ollongren heeft in dat debat toegezegd dat zij de Eerste Kamer 10 mei 2019 per brief informeert over vragen uit dat debat. Vervolgens vond op dinsdag 14 mei 2019 de uiteindelijke stemming plaats. De Eerste Kamer heeft toen het wetsvoorstel Kwaliteitsborging voor het bouwen aangenomen. De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen zou per 1 januari 2021 ingaan, maar is door minister Ollongren in april 2020 tot nader bericht uitgesteld. (Minister Ollongren streeft ernaar om de Kamer vóór de zomer van 2020 te informeren over een definitieve invoeringsdatum. De verwachting is dat dit medio 2021 wordt.) De Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen regelt de invoering van een nieuw stelsel van kwaliteitsborging voor het bouwen. Hiermee wordt de positie van de particuliere en de zakelijke bouwconsument versterkt. Door de toenemende complexiteit in de bouw is herziening van het huidige stelsel van kwaliteitsborging noodzakelijk. Hiermee wordt de relatie tussen de opdrachtgever, de bouwconsument, en de bouwende partijen evenwichtiger.

De aannemer moet bij de oplevering van het bouwwerk aantonen dat aan de regelgeving is voldaan. Als bij oplevering blijkt dat een bouwwerk niet volgens de regelgeving en gemaakte afspraken is gebouwd, krijgen opdrachtgevers betere mogelijkheden om de aannemer aan te sporen tot herstelwerkzaamheden. Daarnaast informeert de aannemer de klant over de manier waarop risico’s tegen schade door het niet nakomen van de verplichtingen en de gebreken na de oplevering zijn afgedekt. Het opschortingsrecht van de particuliere opdrachtgever wordt daardoor aangescherpt. Pas nadat de opdrachtgever in de gelegenheid is gesteld aan te geven of hij van dat opschortingsrecht gebruikmaakt, brengt de notaris het depotbedrag in de macht van de aannemer.

De belangrijkste veranderingen op een rij

De belangrijkste veranderingen van het nieuwe stelsel van kwaliteitsborging zijn:

  • Het publieke stelsel wijzigt in een gecombineerd publiek-privaatstelsel.
  • Verplichte inschakeling van een private kwaliteitsborger door de bouwer / vergunninghouder.
  • Verplichte verklaring van de kwaliteitsborger op het gerealiseerde bouwwerk as-built (in plaats van as-planned zoals in het huidige stelsel).
  • Verplichte informatieplicht aan consumenten of en zo ja hoe de bouwer verzekerd/geborgd is.
  • De definitie van het verborgen gebrek wordt aangepast in het voordeel van de consument waardoor de bouwer sneller aansprakelijk gesteld kan worden.

De belangrijkste veranderingen op een rij

Private kwaliteitsborging gevolgen bouwbedrijf

Als de Wet kwaliteitsborging straks van kracht is, ligt de verantwoordelijk om het gerealiseerde gebouw in gebruik te nemen bij u als bouwbedrijf. U bepaalt of dat kan. Dat kan alleen als vast staat dat het gebouw aan alle eisen voldoet. Hierbij geldt dat de handtekening van een erkende kwaliteitsborger maatgevend is en niet de bouwvergunning. De kwaliteitsborger verklaart of aan alle eisen is voldaan. De kwaliteitsborger kan dat alleen doen als u uw werk daadwerkelijk goed hebt uitgevoerd. Van belang is dat bouwbedrijven een goede registratie van het bouwproces bijhouden, want de kwaliteitsborger is niet altijd op de bouw aanwezig. Steekproefsgewijs voert hij de controles uit. Uit de registratie moet blijken dat aan de gestelde eisen is voldaan. Het toetsmoment tijdens de oplevering is maatgevend en niet het moment van de bouwaanvraag.

Op verschillende punten kunnen wij u hierbij van dienst zijn. In de uitvoering door het houden van toezicht op uw bouwproject (BRL 5019). Onze opzichters kunnen de gehele bouw digitaal registreren. Zo wordt het hele bouwproces in kaart gebracht en kunnen punten die mis dreigen te lopen tijdig worden hersteld. Continue kwaliteitsbewaking.
Tijdens het proces kunnen wij uw uitvoeringsteam bijstaan bij de registratie van de keuringen en een toezichtkeuringsplan opstellen. Maar wij kunnen u ook ondersteunen door op te treden als onafhankelijke kwaliteitsborger of uw kwaliteitsborgingstraject begeleiden (BRL 5019).
Neem voor meer informatie contact met ons op.

Private kwaliteitsborging Cobouw: een blik terug in de tijd

Op 11 februari 2019 publiceerde Cobouw het bericht ‘Woningtekort alarmerend hoger dan gedacht; bouwproductie moet naar 95.000 tot 115.000 woningen’.
Dit bericht gaat over het feit dat niet 75.000 nieuwbouwwoningen per jaar, maar 95.000 tot 115.000 woningen moeten worden gebouwd om het woningtekort terug te dringen. Aldus de conclusie uit het onderzoek van ABF Research. De groei van de bevolking en het aantal huishoudens in combinatie met problemen in de bouwsector (gestegen bouwkosten, tekort aan personeel en materiaal, te trage vergunningverlening en tekort aan locaties) leiden ertoe dat de woningtekorten niet afnemen, maar juist verder zijn toegenomen.

Dit betekent dat bouwplanning meer onder druk komt te staan en de kwaliteitsborging in het bouwproces nog belangrijker wordt. Vooral als de verantwoordelijkheid om het gerealiseerde gebouw of woning in gebruik te nemen straks, als de Wet kwaliteitsborging van kracht is, bij de bouwbedrijven ligt. Maar ook nu is die kwaliteitsborging van groot belang. U kunt dit ondervangen door bijvoorbeeld te kiezen voor kwaliteitstoezicht. Onze opzichters kunnen voor u het bouwproces in de gaten houden en de gehele bouw digitaal registreren. Het bouwproces wordt op deze manier tot in de puntjes in kaart gebracht. U kiest dan voor continue kwaliteitsbewaking. Maar u kunt ook kiezen voor een onafhankelijk kwaliteitsborger die voor u het kwaliteitstraject coördineert. Op 25 maart 2019 publiceerde Cobouw het bericht ‘Wet kwaliteitsborging, nu tijd voor actie’. Binnenkort buigt de Eerste Kamer zich opnieuw over de Wet Kwaliteitsborging Bouwen. Het valt te hopen, in het belang van de kwaliteit in de bouw, dat het wetsvoorstel wordt aangenomen. De afgelopen weken uitten enkele hoogleraren weer kritiek op het wetsvoorstel. Zij richten zich echter op randverschijnselen en verliezen de kern uit het oog. In een recente ingezonden brief heeft ook aannemersfederatie AFNL duidelijk gemaakt dat zij het wetsvoorstel ondersteunt. (Update mei 2020: De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen is definitief! Per 1 januari 2022)

Juridische discussie binnen Cobouw – een overzicht
Op 4 april 2019 schreef Hajé van Egmond op de website van Instituut voor Bouwkwaliteit een kort overzicht over de discussie die in verschillende nieuwsberichten in Cobouw naar voren kwam. Hieronder de weergave van de juridische discussie (bron: https://www.stichtingibk.nl/2019/04/04/kwaliteitsborging-op-weg-naar-stemming/)

Cobouw trapt begin 2019 af met een aantal interviews met juristen over het beoogde wetsvoorstel. Op 22 januari kopt Cobouw ‘Wet kwaliteitsborging rijp voor sloop’ boven een interview met Richard Neerhof, hoogleraar bestuursrecht aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Neerhof is bang voor een bureaucratisch monster. Hij is van mening dat een stelsel van private kwaliteitsborging zonder Rijkstoezicht moet kunnen en wil terug naar een systeem waar de partijen echt zelf verantwoordelijk zijn. In het zelfde artikel constateert Remco Smith, bouwadvocaat te Rotterdam, dat gemeenten door het bestuursakkoord wel een erg stevige vinger in de pap houden. Toch adviseert de bouwadvocaat de Eerste Kamer – bij gebrek aan beter – akkoord te gaan met de Wkb. Een paar dagen later volgt een interview met Stephanie Gulijk, hoogleraar Privaatrecht. Wederom in Cobouw, stelt prof. Gulijk dat in de Wkb de bal wel erg vaak bij de aannemer wordt gelegd: ‘Waar is architect in Wet kwaliteitsborging?’. Ze is het verder met Prof. Neerhof eens dat het systeem wellicht wel erg complex wordt. In een brief aan Eerste Kamer geven beide hoogleraren aan dat hun analyses en stellingnamen in Cobouw niet volledig zijn weergegeven en leggen ze het geheel nog een keer goed uit.

Eind maart krijgen de hoogleraren onder de noemer ‘Wet kwaliteitsborging, nu tijd voor actie’ weerwoord van Mr. Marco de Boer, partner bij VBTM Advocaten. De Boer wijst er op dat het alleszins redelijk is dat degene die de fout maakt ook aansprakelijk is voor die fout. Voordelen ziet De Boer met name in het wegvallen van een grotere aansprakelijkheid van de opdrachtgever als deze besluit zelf ook toezicht te gaan houden. Een nadrukkelijk probleem van het huidige stelsel.

Aannemerij verdeeld?

Tijdens een Cobouwcafé begin januari 2019 geeft Maxime Verhage aan dat wat Bouwend Nederland betreft de bezwaren tegen de Wet kwaliteitsborging bouw niet zijn weggenomen door de minister. In een discussie met Koerhuis (VVD) over de Wkb geeft hij aan dat het streven naar kwaliteitsverbetering onvoldoend in de wet tot uiting komt. Het standpunt van Koerhuis dat het instorten van de parkeergarage in Eindhoven toch laat zien dat de wet noodzakelijk is, pareert Verhage met de opmerking dat dat ‘ook te maken [had] met falend toezicht van de gemeente’. Verhagen vreest verder voor dubbel werk, dubbele kosten en leges die niet omlaag zullen gaan. Een mogelijk terechte vrees die ook gedeeld wordt door meerdere deelnemers aan proefprojecten. Op 14 februari 2019 constateert Cobouw dat de AFNL – tot nu toe voorstanden van de Wkb – ‘draait’ richting Bouwend Nederland en zich nu ook publiekelijk keert tegen de Wet kwaliteitsborging. In een brief aan Cobouw reageert AFNL dat er geen sprake is van een draai. Bestuur en leden van de AFNL spreken zich nog steeds uit voor invoering van de Wkb. Wat niet wil zeggen dat alle leden voor zijn natuurlijk!

Ondertussen, in de markt…..

Nadat de meeste marktpartijen na 11 juli 2017 de Wkb op een laag pitje hebben gezet, gaat een aantal partijen door met kwaliteitsborging. Met name partijen werkend onder het Keurmerk Garantiewoningen (Woningborg, SWK en PlanGarant) gaan gestaag verder met projecten en ook andere partijen organiseren bijeenkomsten of wisselen op een andere manier informatie uit. Tenslotte blijft ook een grote opdrachtgever als Aedes benadrukken dat de wet noodzakelijk is voor een verbetering in de bouw. Dat de bouw inderdaad nog een en ander te verbeteren heeft, laat het recente onderzoek van ABN Amro zien: jaarlijks verspilt de bouw nog steeds 5 miljard aan het herstellen van missers. Stel nu dat EIB gelijk heeft en de Wkb hier daadwerkelijk een deel vanaf zou kunnen halen.

Wet privaat bouwtoezicht uitgesteld: ‘Corona? Nee, een kille loopgravenstrijd’

Op 1 april 2020 publiceerde Cobouw het volgende:

De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) gaat later in dan gepland. Niet door Corona, maar door een chronisch gebrek aan proefprojecten en vertrouwen in een goede afloop. Dat blijkt uit onderzoek van Cobouw. “De wet 1 januari in laten gaan zou onverantwoord zijn.”

Het lijkt wel een slecht toneelspel: bouwers zeggen dat gemeenten niet willen. Gemeenten op hun beurt wijzen naar de bouwers. Private kwaliteitsborgers wachten intussen met opschalen tot beide kampen elkaar in de armen vallen. Tja, dan kun je dus lang wachten.

Toch is dit het resultaat van 21 jaar vergaderen over een bouwstelsel dat meer verantwoordelijkheden bij marktpartijen legt en gemeentelijk bouwtoezicht op afstand plaatst. Het is een kille loopgravenstrijd die nog altijd niet is beslecht omdat over de precieze uitwerking nog altijd discussie bestaat. Zelfs nu de wet is aangenomen door de Eerste Kamer is de angst en afschuw voor de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen nog niet weg. De gemeente is bang voor inkomstenderving, de bouwer juist voor hogere kosten en aansprakelijkheden.

Bestuursakkoord als blok om been minister

Vorig jaar trok minister Ollongren van Bouwzaken de gemeenten over de streep van de Eerste Kamer met een Bestuursakkoord. Dat akkoord zit haar opvolger Knops nu in de weg. Er staat namelijk in dat de zogeheten Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) pas ingaat als is aangetoond dat ie doet wat ie belooft. In het akkoord staat ook dat bij tien procent van alle enigszins risicoloze bouwprojecten, zoals woningen, moet zijn geoefend met die Wkb. Maar aan dat oefenen komt in de praktijk eigenlijk niemand toe, blijkt uit gesprekken die Cobouw voerde met tal van betrokkenen. “Tien procent? Nog geen tiende”, ziet onder meer Joep Rats, directeur Beleid en Vereniging bij Bouwend Nederland.

‘Zorg voor voldoende lokvoer’

Criticasters voorzagen dit probleem begin 2019, toen het akkoord gepresenteerd werd, ook al. Praktijkervaring opdoen met tien procent van de projecten? En dat allemaal voor 1 juli 2020? Onmogelijk. Ze kregen gelijk. Al kort voordat corona Nederland serieus in de problemen bracht, zijn er amper tien proefprojecten gestart, waarvan de meeste zich nog in de voorbereidende fase bevinden.

Wico Ankersmit, die de Wkb ooit half zwanger noemde omdat de wet op twee gedachten hinkt, kijkt niet op van het lage aantal proefprojecten. “Of ik dat raar vind? Nee hoor’’, zegt de directeur van de Vereniging van Bouwen en Woningtoezicht Nederland.

‘Meedoen is belangrijker dan winnen’

‘‘Meedoen hoeft namelijk niet, bouwers hebben wel andere zaken aan het hoofd. Ik heb weleens gezegd: als je hier een succes van wilt maken zul je als gemeente voldoende lokvoer moeten neerzetten. Voor tien procent legeskorting komen bouwers hun bed niet uit.”

Een kwestie van geld? Uit cijfers van Rowiq blijkt dat er meer aan de hand is. Niet minder dan veertig gemeenten geven korting op de leges als bouwers willen oefenen met de Wkb. Maar hoe hoog de kortingen ook zijn, toegehapt wordt er zelden.

‘Tien procent niet heilig’

Ankersmit wil geen spelbreker zijn. “De tien procent is niet heilig”, zegt hij. “Het gaat om de ervaring die we met zijn allen opdoen. Met roadshows in het land kunnen we ook droog oefenen.” Daar lijkt meer animo voor. “Binnen een week hadden we vierhonderd aanmeldingen.”

Maar ook hij ziet nog altijd problemen. “Veel zaken zijn nog onduidelijk, precies zoals Evelien Bruggeman, directeur van het Instituut voor Bouwrecht, zei in een Cobouw-interview. Ik voer daar met Binnenlandse Zaken ook best pittige discussies over. Wat gebeurt er als een kwaliteitsborger een foutje tegenkomt? En zo kan ik nog een hele waslijst van onbeantwoorde vragen opstellen. Of invoeren per 1 januari 2021 onhaalbaar is? Ik zou het onverantwoord vinden. Onhaalbaar is vers twee.”

Hoeveel proefprojecten er inmiddels precies zijn gestart, dat weet vrijwel niemand. Zelfs Esther van Kooten-Niekerk, voorzitter begeleidingscommissie proefprojecten namens de VNG, moet het antwoord schuldig blijven. “Een stuk of negen”, draait ze er een beetje omheen. “In Brielle eentje, in Alphen aan den Rijn, Etten-Leur, in Ermelo en Enschede.”

‘Misschien hadden we verder willen zijn’

Ook zij benadrukt dat het niet om de kwantiteit gaat, maar om de kwaliteit. Bovendien wil ze niet somberen. “Ik zie veel initiatieven bij borgers, gemeenten en aannemers. De awareness neemt toe. Maar in alle eerlijkheid: op die tien procent zitten we nog lang niet. Maar dat is ook best logisch. De spelregels zijn pas afgelopen zomer goedgekeurd en in december zijn de eerste kwaliteitsinstrumenten aangewezen. Nu worden de eerste projecten vergund. Hadden we verder willen zijn? Misschien wel.”

Burger wil geen borger

Van Kooten-Niekerk wijst op een ander probleem. De partijen die wel willen oefenen, doen dat vooral met seriematige nieuwbouw. Dat levert namelijk het meeste op tegen de laagste inspanningen. “Pilots met verbouw of een enkele kavelwoning komen nog niet of nauwelijks voor. Die zijn voor kwaliteitsborgers nauwelijks interessant. En geen burger die zegt: doe mij maar een kwaliteitsborger.”

Het ontbreekt aan vertrouwen, concludeert ze onder aan de streep. En aan een intrinsieke motivatie. “We hebben meer partijen zoals Janssen de Jong nodig die zeggen: of de wet nu wel of niet ingaat, we gaan er vol voor. Omdat we de hoogste kwaliteit willen leveren. Proefdraaien verplichten? Ik zou bouwers verleiden.”

Brief aan minister

Verleiden? Dat wordt hoog tijd, zal Joep Rats, directeur Beleid en Vereniging bij Bouwend Nederland, denken. Volgens hem willen de bouwers wel, maar geven de gemeenten niet thuis. “Duizenden leden van ons doen mee met webinars en trainingen over de Wkb.” Rats telt geen negen, maar hooguit vijf proefprojecten in de pijplijn. “Tien procent was de bedoeling. Ik begrijp dat je niet zomaar vierduizend projecten bij elkaar hebt, maar we halen niet eens 1 procent.”

Met Bouwend Nederland stuurde Rats de Tweede Kamer vorige week een brief waarin het waarschuwt dat de markt nog absoluut niet klaar is voor invoering. In een volgende alinea verzoekt voorzitter Maxime Verhagen de Kamer ook nog eens te kijken naar de verhoogde aansprakelijkheid.

Gebrek aan borgers

Rats heeft sowieso geen goed woord over voor het hele wetstraject. “Het stond helemaal in het teken van net met de hakken over de sloot. Ik kan me niet voorstellen dat het ministerie hier trots op is en wij begrijpen niet waarom er zoveel haast mee geboden is. Of 1 januari 2021 haalbaar is? Bouwers zijn er druk mee en anticiperen erop, nu de gemeenten nog. Zij wilden het zo graag, getuige het Bestuursakkoord dat ze met de minister sloten. Laat dat nu maar eens zien.”

Al die vaagheden. Rats kan er met zijn pet niet bij. “Alleen al als je kijkt naar het consumentendossier waar maar geen helderheid over komt. Alleen dat al vraagt om uitstel, en zo zitten er nog veel meer haren in de soep. 850 borgers hebben we nodig. Dat zijn er nu tweehonderd.”

Op slot door corona

Hoe loopt dit af? Minister Knops maakt in mei of juni de balans op, weet Titia Siertsema, die namens de minister alle partijen op dezelfde lijn moet zien te krijgen. “Er moet nog veel gebeuren”, geeft ze toe. “Maar het zijn ook gewoon idiote tijden. Misschien gaat Nederland straks wel op slot door het coronavirus.”

Rest die ene vraag. Waarom weten gemeenten en bouwers elkaar niet te vinden? “Als ik dat eens wist”, besluit ze. “Dan waren we al een heel eind verder. Dat is voor mij slechts gissen. Ik denk dat gemeenten het te druk hebben met de Omgevingswet en vele andere nieuwe wetten. Natuurlijk is het ook een kwestie van geld. Iemand moet die kwaliteitsborger betalen. Dat zijn toch extra kosten.”

 

UPDATE: Op 20 mei 20 schreef Hajé van Egmond op de website van Instituut voor Bouwkwaliteit:

Op 20 mei 2020 heeft minister Ollogren in een brief aan de Tweede Kamer aangegeven dat er overeenstemming is over inwerkingtreding van de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging voor het bouwen per 1 januari 2022. In een gezamenlijke verklaring stellen het rijk, gemeenten, provincies en waterschappen dat inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2022 wenselijk en realistisch is. Gelijktijdig met de Omgevingswet treedt ook de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) in werking.

Minister Ollogren wil dit najaar in debat met de Kamer over de datum. Indien de Kamer akkoord is met de voorgestelde datum, zal direct de voorhangprocedure van het inwerkingtredings-KB starten. Hiermee krijgen de bouw en overige partijen definitief duidelijkheid over de invoering van de Omgevingswet en Wkb.

 

Rico Vermeij | hoofd projectvoorbereiding

Rico Vermeij
Hoofd Projectvoorbereiding
Neem contact op

(06) 553 95 244

Deze site maakt gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten